Een eerste verkenning
In de paastijd van het jaar 2005 was de belangstelling binnen en buiten de Kerk gericht op de bisschopszetel van Rome. Johannes Paulus II stierf kort na Pasen en Joseph Ratzinger, jarenlang zijn nauwe medewerker, trad tegen Pinksteren als de nieuwe bisschop van Rome aan. Veel werd en wordt er nog steeds geschreven, ook binnen de filosofie en de theologie, over wat het pontificaat en ook het filosofische denken van de Poolse opvolger van Petrus hebben gebracht, over de accenten die de Duitse denker en theoloog Ratzinger heeft gelegd, en over wat tijdens zijn pontificaat verder naar voren zal komen. De verzamelde redacties van het internationale katholieke tijdschrift Communio hebben verleden jaar besloten een aflevering te wijden aan de specifieke accenten in de theologie van Joseph Ratzinger en in de fenomenologische filosofie en soms literaire benadering van Karol Wojtyla. Aan beide grote persoonlijkheden van de katholieke Kerk schonk de Nederlandstalige editie in de vorige jaargang al aandacht 1. Van de hand van Ratzinger hebben we sinds het ontstaan van onze editie menig artikel gepubliceerd 2. Bovendien namen we daarin een voordracht op die hij in 1992 op een Communio-symposium aan de Gregoriana in Rome hield en waarin hij het ontstaan en de reden van dit tijdschrift ontvouwde en de inhoud van de naam Communio uit de doeken deed als een program voor deze publicatie 3.

In deze aflevering beginnen we met een bijdrage van een redacteur van de Franse Communio, Jean-Robert Armogathe, die de belangstelling voor de Kerk bij Ratzinger al vanaf zijn dissertatie over het huis en het volk van God bij Augustinus als een van de voornaamste pijlers van zijn theologie naar voren brengt. Daarnaast vermeldt hij de problematiek van de pluralisering, die de Duitse theoloog in toenemende mate bezighield. Een leerling van Ratzinger, de salvatoriaan Stephan Horn, laat zien hoe Ratzingers leer over de Kerk volstrekt samenhangt met diens gedachten over de Eucharistie, zodat de Kerk vanuit de Eucharistie slechts te denken en te geloven is. Dat de Duitse theoloog, ook onder invloed van de theologische benadering van de liturgie bij Guardini, heel specifieke gedachten over liturgie en kerkmuziek heeft, die actueler zijn dan ooit, komt naar voren in de bijdrage van Antoine Bodar, onlangs benoemd tot bijzonder hoogleraar aan de universiteit van Brabant.  Belangrijk voor het denken van de huidige paus, is de samenvatting en het commentaar van David L. Schindler bij de publicatie in de Verenigde Staten van Without Roots, een bundeling van lezingen van en gedachtenwisselingen tussen Ratzinger en Marcello Pera, de toenmalige voorzitter van de Italiaanse senaat, over de verhouding van Kerk en staat in de huidige pluralistische maatschappij en over het vaak slechts juridisch verstane en gebruikte en misbruikte begrip van vrijheid.

Eveneens hoog actueel is wat de islamoloog Samir Khalil Samir 4 te berde brengt over de gedachten van de huidige paus en zijn vermoedelijke kerkelijke beleid ten opzichte van de islam. Joseph Ratzinger was meer dan twintig jaar lang een van de naaste medewerkers en theologische adviseurs van Johannes Paulus II, die de belangrijke encyclieken Veritatis splendor, Evangelium vitae en Fides et ratio op het gebied van (moraal)theologie en filosofie tot stand zag komen. Als prefect van de Congregatie voor de geloofsleer stond hij de paus zo na dat men bij Johannes Paulus II de eigen invalshoek van zijn denken in de officiële documenten niet altijd zuiver kan ontwaren.

Toch kunnen enige punten aangestipt worden waar Karol Wojtyla onmiskenbaar eigen accenten heeft gezet. De spiritualiteit van deze paus was zeer mariaal gericht, terwijl zijn intellectuele vorming vooral kwam vanuit de filosofie en de Poolse literatuur. Jörgen Vijgen laat in zijn bijdrage zien hoe de figuur van Maria, “Sedes Sapientiae”, het menselijke verlangen naar wijsheid heeft verwijd en vruchtbaar gemaakt. Ook ontwikkelde Johannes Paulus II vanaf begin 1979 tot 1984 tijdens 129 audiënties een catechetisch project dat later gepubliceerd zou worden onder de titel Theologie van het lichaam. Naar alle waarschijnlijkheid is dit een voortgang geweest van wat hem als kardinaal van Krakau al voor ogen stond.

S. van Aken en E. van Aken hebben als echtpaar een bijdrage geleverd om meer bekendheid hieraan te geven en de stilte over dit thema in West- Europa na Humanae vitae te doorbreken. Verder was het pontificaat van Johannes Paulus II gekarakteriseerd door een groot aantal zalig- en heiligverklaringen, waaronder die van Josemaría Escrivá. Diens heiligheid en spiritualiteit komen bijzonder tot uiting in zijn stichting “Opus Dei”, waarvan de specifieke structuur onder dezelfde paus de kerkelijke goedkeuring verwierf. De spiritualiteit van de stichter wordt aangeduid als een lekenspiritualiteit, iets waaraan Johannes Paulus II, in navolging van het Concilie, grote waarde hechtte en die hij sterk heeft gestimuleerd.

Karl Lehmann, voorzitter van de Duitse bisschoppenconferentie en sinds lang lid van de Duitse redactie van Communio, verheldert de grote lijnen en de invloed van de spiritualiteit van de heilige Josemaría en voorkomt daarmee ook misverstanden die rond stichter en stichting konden ontstaan. Tenslotte bevat deze aflevering nog een recensie (J. Vijgen) over het theologische oeuvre van Bonifacio Honings OCD. Diens bijna een halve eeuw doceren in Rome heeft hem in contact gebracht met de grote projecten van Johannes Paulus II zoals de Katechismus van de Katholieke Kerk; tevens heeft hij kardinaal Ratzinger bij vele ook vooral medisch-ethische kwesties van advies mogen dienen. In wat afgeleide vorm verdient zijn in drie grote delen uitgegeven oeuvre dan ook een plaats in deze aflevering gewijd aan het denken van Karol Wojtyla en Joseph Ratzinger.

Meer uit deze jaargang:

Show 4 footnotes

  1. Met betrekking tot Johannes Paulus II, zie de bijdrage van J. Vijgen, in: Communio 30 (2005) 161-166; over het theologische profiel van Joseph Ratzinger, zie de bijdrage van H. Hoping en J.-H. Tück in dezelfde jaargang van Communio, pp. 243-252.
  2. Zie als aanhang bij het artikel van Hoping/Tück (noot 1) een lijst van in het Nederlands vertaalde studies en artikelen van J. Ratzinger, samengesteld door J. Vijgen, pp. 255-256.
  3. J. Kard. Ratzinger, “Communio – een programma”, in: Communio 17 (1992) 321–332.
  4. Zie ook diens bijdrage “Europa en de islam, een ontmoeting en een uitdaging”, in: Communio 31 (2006) 142–151; met betrekking tot wat de huidige paus zegt over de aard en de inspiratie van de Koran, zie nog Jan Van Reeth, “Recente Koranstudies en hun theologische gevolgen: een uitdaging voor de toekomst”, in dezelfde aflevering, pp. 152-160.